foto Ed van Pinxteren (2)

Gesprek Martine Krikke met Ed van Pinxteren ter gelegenheid van zijn afscheid als penningmeester van stichting Kunst en Cultuur Woudenberg.

“Op de vraag ‘waar spreken we af, op de jeu-des-boules baan of het beeldhouwatelier in het Cultuurhuis?’ koos je voor het laatste. Interessant, komen we nog op terug. Ed, na bijna vijfentwintig jaar penningmeesterschap van de cultuur in Woudenberg stoppen, dat is niet niks. Ik denk dat Projekt Woudenberg al een tijd bestond toen jij aantrad. Hoe kwam je bij deze organisatie?”

“Het was de toenmalige voorzitter Martin Vermeul mij hiervoor vroeg. Ik was net verhuisd van de Kennedylaan naar de nieuwe buurt aan de Henschoterlaan. Ik had een erg drukke baan, maar wilde daarnaast wel iets voor Woudenberg betekenen. En ik ben erg precies met de centen. In die tijd liep Projekt heel goed en de gezellige vergaderingen bij mensen thuis mis ik nog steeds. De vier assistentes regelden de contacten met de docenten en ik zorgde dat het cursusgeld binnen kwam en de ruimte in de Camp gehuurd kon worden, waar we toen het eerste recht op hadden. Dat ging op termijn mis. De cursussen werden te duur en we hadden te weinig financiële ruimte meer voor PR. Het waren altijd dezelfde mensen en kinderen die de cursussen volgden. Daarnaast was de subsidieaanvraag bij de gemeente telkens één van ondoorgrondelijke formaliteiten die ik vaak ervaren heb als een onterechte bejegening.”

“Daar is wel wat veranderd naar mijn gevoel. Nu bijna negen jaar geleden al weer kwam de fusie tot stand van Projekt en de nieuwkomer het kunstenaarsplatform de Kunstberg tot stichting Kunst en Cultuur Woudenberg. Mede dankzij de opgebouwde financiële buffer kon deze stichting gezond van start gaan. Hoe heb jij deze fusie ervaren?”

“Als een frisse wind, de verantwoording kwam bij de docenten te liggen, mijn werk werd er eenvoudiger op. Het was een nieuwe en goeie opzet. Mijn werk bestond bij de stichting Kunst en Cultuur voornamelijk uit het beheren van de financiën. Sinds drie jaar geleden moeten we aan de accountant controle voldoen voordat de afgesproken subsidie aangevraagd kan worden. Dat betekende dat de cijfers die wel altijd klopten slechts in andere kolommetjes geplaats moesten worden. Ook dat is gelukt en de gesprekken met de gemeente, onlangs nog, doe je nu voor je plezier. Ik neem dan ook met weemoed afscheid.”

“Nu we hier samen op het beeldhouwatelier zitten, het lijkt erop dat jij nu jouw kunstenaarschap aan het ontwikkelen bent. Ik zag de laatste jaren mooie beeldhouwwerken van jou op verschillende tentoonstellingen. Hoe is dat zo begonnen”

“Tja, dat is een ontdekking. Mijn peetoom Ed van Teeseling is een bekend beeldhouwer in Nijmegen. Ik erfde na zijn overlijden enkele stukken van hem. Daarnaast was het Yvonne Kors van het beeldhouwatelier die verschillende keren uitsprak: ‘Ed, je moet gaan hakken’ . Ik heb me opgegeven bij Kees Verwey in Amersfoort, waar enkele Woudenbergers destijds hakten. Het beviel mij niet. Toen kwam ik als penningmeester van stichting Kunst en Cultuur Woudenberg de docent Betty Meybaum tegen en dat klikte. “

“Hoe zal dat er in de toekomst gaan uitzien, Ed?”

“Zolang ik kan, blijf ik beeldhouwer. Dankzij de fusie van Projekt en de Kunstberg heb ik dit talent ontdekt . Ook mijn betrokkenheid met het Cultuurhuis zal blijven. Als baliemedewerker en als cursist.”

“Dan hopen we nu maar dat er snel een opvolger voor het penningmeesterschap gevonden wordt en je alle goede zorgen voor de financiën kunt overdragen Ed. Met heel veel dank !!!”