Hennie de Ruiter nieuwe programmacoördinator Cultuurhuis Woudenberg

Mijn doel is om de Woudenbergse accenten van het Cultuurhuis te versterken

Met de aanstelling van Hennie de Ruiter als opvolgster van Elly van Geest als programmacoördinator van het Cultuurhuis wordt voortgeborduurd op de succesvolle inbreng van Van Geest en haar voorgangster Ina Muller ten aanzien van de upgrade van het Cultuurhuis. Hadden haar beide voorgangsters geen Woudenbergse roots, daar is bij De Ruiter sprake van het tegenovergestelde. Zij is in het dorp geboren en getogen en is in de afgelopen veertig jaar vrijwel uitsluitend in Woudenberg en de directe omgeving werkzaam geweest. ,,Met mijn achtergrond wil ik mij de komende jaren inzetten om de Woudenbergse accenten van het Cultuurhuis versterken”, aldus de kersverse programmacoördinator van het culturele hart van Woudenberg.

Hoe sterk is jouw verbondenheid met Woudenberg?
,,Die is heel sterk. Ik ben hier niet alleen geboren. Woudenberg loopt als een rode draad door vrijwel alles wat ik hierna heb gedaan. Tijdens mijn lagereschooltijd zat ik op de Rehobothschool, die nu ‘De Olijfboom’ heet. Toen ik een jaar of negen was ging ik voetballen bij de vv Woudenberg. Dat was heel leuk. Met vier meisjes speelden wij in een jongensteam. Helaas had Woudenberg op dat moment geen meidenvoetbal. Als je twaalf jaar werd, mocht je in die tijd niet meer in een jongensteam spelen. Scherpenzeel had nog wel een meidenteam. Daar heb ik nog wel een paar jaar gespeeld. Nu heb ik niets meer met voetbal. Alleen kijk ik nog wel naar het Nederlands elftal, maar meer ook niet. Het jaartal weet ik niet meer precies, maar ik zat op de mavo toen mijn moeder ‘Schoonmaakbedrijf Woudenberg’ overnam. Daar verdiende ik mijn zakgeld. Na de mavo ben ik volledig bij mijn moeder gaan werken. Vrijwel uitsluitend bij opdrachtgevers uit Woudenberg, zoals het gemeentehuis, alle scholen en ik denk bij vrijwel alle bedrijven heb geschrobd. Het mooie van schoonmaakwerk is dat je overal komt en dat je het resultaat direct onder jouw handen ziet ontstaan. Het was altijd avondwerk, dus overdag had ik heel veel tijd. Daardoor rolde ik als vanzelf in het vrijwilligerswerk, zoals op de Rehobothschool waar mijn kinderen ook op gezeten hebben. Daar ben ik overblijf-, luizen- en voorleesmoeder geweest. In 1999 werd ik Eierkoningin. Het leuke daarvan is dat je bij heel veel dingen die in het dorp georganiseerd worden, aanwezig bent en daardoor heel veel mensen leert kennen. Ook ben ik vrijwilliger geweest bij de Oranjevereniging, waar wij de verkiezing ven de ‘Sterkste Man en Vrouw van Woudenberg hebben georganiseerd. Bij Stichting Haantjesdag heb ik ook een leuke tijd gehad. Wij hadden een vaste groep vrijwilligers waarmee je alles rond Haantjesdag organiseerde. Wij stonden ’s morgens om vijf uur de kraampjes op te bouwen. Op een gegeven moment was ik gewoon aan iets anders toe en zo ben ik een jaar of tien geleden achter de balie van het Cultuurhuis terechtgekomen. Daarnaast heb ik de afgelopen twintig jaar bij Ribhouse Texas gewerkt. Daar ben ik op 1 januari van dit jaar mee gestopt omdat mijn werk daar moeilijk te combineren is met mijn nieuwe werk in het Cultuurhuis. Alles bij elkaar genomen kan ik wel zeggen dat ik in de loop van de jaren heel veel mensen in het dorp heb leren kennen. Dat is, denk ik, een voordeel als je in het Cultuurhuis werkt. Daarbij heb ik nog een tweede voordeel, namelijk dat ik al tien jaar als vrijwilligster in het Cultuurhuis hen gewerkt en dat ik sinds enkele jaren ook lid was van de Programmaraad. Dat maakt het heel makkelijk om met de gebruikers van het Cultuurhuis, de partners, mee te denken.”

Hoe heb je het Cultuurhuis in de afgelopen tien jaar zien veranderen?
,,Eigenlijk in alles. Toen ik hier net kwam, gebeurde er niet zo heel veel. Er kwam steeds weer een andere programmacoördinator met een eigen manier van werken. Ook kwamen er nieuwe vrijwilligers met hun enthousiasme. Maar ook nieuwe diensten, zoals De Kleine Schans met haar eigen programma’s. Denk ook aan het ophaal- en inleverpunt van pakketten. Zo werd het geheel steeds groter en drukker.

Je stelt jezelf als doel om de Woudenbergse accenten van het Cultuurhuis te versterken. Waar zie jij mogelijkheden om dat te realiseren?
,,Het begint al met de Programmaraad. Hierin zit van elke partner van het Cultuurhuis een vertegenwoordiger. Deze raad doet voorstellen voor activiteiten waarmee het programma wordt ingevuld. Op basis hiervan gaat de programmacoördinator op zoek naar de mensen en organisaties waarmee die voorstellen kunnen worden gerealiseerd. Hierbij zal ik in eerste instantie op zoek gaan naar de mogelijkheden binnen de Woudenbergse netwerkcontacten die wij met elkaar hebben. Inmiddels heb ik contacten gelegd met de organisatoren van Haantjesdag en de Oranjevereniging. Samen met hen wil ik de mogelijkheden onderzoeken of en zo ja hoe het Cultuurhuis kan worden meegenomen bij hun activiteiten. Er gebeurt hier al veel, maar er kan meer, voor meer doelgroepen. Wij hebben een prachtig gebouw waarin wij meer kunnen doen om de saamhorigheid onder Woudenbergers te versterken. 2026 zal voor mij geslaagd zijn als wij aan het einde van het jaar kunnen vaststellen dat meer Woudenbergers elkaar in het Cultuurhuis hebben gevonden en er met plezier gebruik van hebben gemaakt, zodat wij kunnen zeggen ‘Het Cultuurhuis is echt van ons’.

Hans Groot
De Woudenberger 20 januari 2026
Interview, pagina 11