Met het aanstellen van de 62-jarige René van Ravenhorst als huismeester van het Cultuurhuis haalt de gemeente Woudenberg als opvolger van Ernst Hopstaken een man binnen die qua ervaring enigszins overgekwalificeerd lijkt, maar die dat zelf niet zo ervaart. ,,Ik heb op deze vacature niet vanuit een carrièreperspectief gereageerd, maar omdat ik de komende jaren gewoons iets ‘leuks’ wil doen. De praktijk leert mij dat ik van stilzitten niet gelukkiger word.”

,,Mijn roots liggen in de binnenstad van Amersfoort, waar mijn ouders enkele radiozaken hebben gehad. Als een van de zes kinderen van mijn ouders zou mijn toekomst daar ook in liggen. Toen ik na de middelbare school (LTS Bouwkunde en een korte periode op de MTS) in een van hun zaken aan het werk ging, kwam ik er al snel achter dat dit geen goede keus was.

Als jonge jongen wil je erop uit, dan wil je leuke dingen doen. Mijn hobby was windsurfen, maar wanneer je in een winkel staat, heb je daar maar één dag in de week de gelegenheid voor. Als het door de week mooi surfweer was, dan ging mijn surfplank op de auto en was ik weg. Natuurlijk niet ideaal als je een winkel hebt en dus besloot ik om in de bouw te gaan werken. Eén van mijn broers en ik kochten oude pandjes in de binnenstad op, renoveerden ze, om ze daarna te verkopen. Na verloop van tijd besloot ik om echt aannemer te worden. Dat werd dus ‘Bouwbedrijf Van Ravenhorst’.
Samen met een compagnon, een vriend van mij, deden wij wat ik voorheen met mijn broer deed. Dat hebben wij lang gedaan, totdat mijn vriend besloot om iets anders te gaan doen.

Alleen verder gaan wilde ik niet en dus maakte ik als facilitair manager de overstap naar de AMARIS-groep in Laren, een woon-zorg instelling. Hier werd ik verantwoordelijk voor de facilitaire afdelingen van twee tehuizen. Voor de AMARIS-groep was ik namens de gebruikers ook projectleider bij (ver)nieuwbouwprojecten. Na negen jaar werd ik door een van de bedrijven die ik regelmatig inhuurde, gevraagd om in Hoevelaken een nevenvestiging op te zetten. Nadat dit was gelukt, besloot ik toch weer verder te gaan als zelfstandige aannemer. Dat heb ik tot voor kort gedaan.

Maar helemaal niets doen, dat gaat mij niet goed af. Mijn vrouw werkt nog fulltime en soms meer dan dat. En ik ben een ‘doener’. Daarom wil ik mijn kennis en ervaring ergens kunnen inzetten, zonder dat ik weer werkweken van vijftig uur en meer maak. Deze mogelijkheid bij het Cultuurhuis sluit hier heel mooi bij aan. In de jaren bij de AMARIS-groep heb ik gewerkt in een omgeving waar veel vrijwilligers actief zijn en mijn ervaring in een facilitaire omgeving sluit goed aan bij wat er in het Cultuurhuis van mij wordt gevraagd.

Hier zal ik mij de komende tijd als huismeester vooral richten op het reilen en zeilen van het Cultuurhuis. Ook verwacht ik dat mijn expertise bij de uitvoering van de plannen met betrekking tot de toekomst van het Cultuurhuis bruikbaar kan zijn. En ja, ik kijk erg uit naar de plezierige samenwerking met Elly van Geest, Hennie Lafeber, de vrijwilligers en de gebruikers van het Cultuurhuis”, aldus Van Ravenhorst.

Hans Groot
De Woudenberger 19 augustus 2025